Buikgevoel van de bassen

‘Dertig jaar geleden was het truttig.’

‘Supertruttig.’

‘Maar dat gold eigenlijk voor alles wat je in een groep deed.’

‘Je mocht opeens niet meer naar dansles.’

‘En de padvinderij was fascistisch. Maar de laatste tien jaar zijn koren weer enorm populair.’

De gospelzangeressen staan in de felverlichte keuken van de kerk. Twee sopranen en een tenor. De repetitie is voorbij, de jonge moeders zijn op hun bakfietsen verdwenen in de regen. Lees verder…

Wie weet er nog een Schager Rood?

‘In de oorlog stuurde de teler een zak zoete appeltjes naar zijn tante in de stad. De schillen en de klokhuizen gooide ze in de tuin. Daar worstelde zich een zaadje doorheen en dat begon te bloeien. Eén boompje kwam eruit, dat onder de wurmen zat. Ik zei: laat mij die enten. En daar kwamen, als een mirakel, honderd appelboompjes van. We hebben ze Koerzoet genoemd, want Koer, zo heette die tante.’

Het erelid van de pomologische vereniging zit met zijn vrouw aan het middagmaal. Lees verder…

Snelheidsdraaiers

Boedapest, ’82. Hij was zeventien. Een bril en een strak wit t-shirt met zweetplekken en de Nederlandse vlag.

‘Ik begin altijd met groen. Je maakt een kruis in de eerste twee lagen. Aan de middelste blokjes op de andere vlakken zie je nu welke kleur ze moeten worden. Dan ga je paartjes vormen. Steeds één randblokje en één hoekblokje. Die wit, die oranje, die geel. Op een gegeven moment zie je een formule. Ik ken er ongeveer honderd, de kunst is om te weten welke je moet toepassen. Dan kom je aan de laatste laag toe. Eerst zet ik alle hoeken goed, dan sluit ik af met de randblokjes.’

Hij haalde een tijd van 24,32 seconden. Alleen een Vietnamese Amerikaan draaide sneller. Lees verder…